Travel Blog

sep 06

Calakmul, de vergeten Maya-spookstad

Gepost in Inspiratie buiten Europa, Reportages | geplaatst door Jurriaan Teulings

Het tropische schiereiland Yucatán is een van de populairste vakantiebestemmingen van Mexico. Natuurlijk dankzij de fabelachtige stranden van Cancun, Playa del Carmen en Tulum, maar óók vanwege de eeuwenoude Maya-tempels en piramides in het binnenland. Bijgevolg kan het er soms flink druk zijn. In Calakmul echter niet. Deze door jungle en vergetelheid verzwolgen spookstad ligt namelijk een beetje buiten de standaard route. Wie voor onvervalste magie gaat, rijdt een dagje om, en kient een bezoek uit tijdens volle maan.

“Kijk, Yuknoom Took’ K’awiil.” Luis strijkt met het licht van zijn lantaarn langs het reliëf van een stenen zuil aan de voet van een grote piramide. Als hij de juiste hoek heeft gevonden geven vallen de schaduwen als een puzzel ineen, en geven zo het contour van een koning prijs. Voor ons, weet Luis, staat de goddelijke heerser van Calakmul, het Koninkrijk van de Slang. Een sinister figuur dat met beide voeten op knielende slaven rust. Koning en gids delen dezelfde karakteristieke Maya-neus, ook al zijn ze door dertien eeuwen gescheiden. Hier, in het holst van de nacht, in de dampende jungle op de grens van Mexico en Guatemala, betekent die afstand niet zoveel.

Calakmul 2

 
Ooit was Calakmul een van de grootste steden op aarde. In de hoogtijdagen telde het koninkrijk van Yuknoom Took’ K’awiil bijna twee miljoen onderdanen. De stad vormde het centrum van een ware agglomeratie van zeventig vierkante kilometer die, na vijfhonderd jaar een van de belangrijkste knooppunten van de Mayabeschaving te zijn geweest, uiteindelijk weer werd verzwolgen door jungle en vergetelheid. Het zou een dik millennium duren voordat de stad weer werd ontdekt.

Een bufferzone van beter bereikbare Mayaruïnes heeft de stad vooralsnog gevrijwaard tegen het massatoerisme, dat zich vanuit Cancún als een olievlek over het Mexicaanse schiereiland heeft verspreid. Tot op de dag van vandaag is Calakmul zó afgelegen en vergeten dat het zelfs op het nog maar een handjevol bezoekers trekt. Zelfs vanaf onze verblijfplaats Puerta Calakmul, een jungle-chique ecoresort aan de ingang van het UNESCO biosfeerreservaat, is het nog vijftig kilometer rijden tot de twee piramides die het centrum van de spookstad markeren. Recht het regenwoud in.

Calakmul 3

 
Het woud is van zo’n overweldigende dichtheid dat het geen wonder is dat het tot 1931 heeft geduurd voordat de stad werd herontdekt. Er was een vliegtuig voor nodig om de toppen van de twee overwoekerde piramides vanuit de lucht te spotten. Zelfs na die ontdekking zou het nog tot de jaren zeventig duren totdat men zich de volle omvang van de vondst realiseerde. Pas in de jaren tachtig werden er überhaupt serieuze opgravingen verricht. Alleen al in de kleine fractie van de stad die sindsdien is blootgelegd, is een schat van informatie over het Mayarijk aangetroffen. In de directe omgeving zijn er bovendien nog meer ruïnes. Als we aan het einde van de dag arriveren verwijst de manager van Puerta Calakmul ons eerst door naar de overwoekerde ruïnes van Balamkú, op slechts vijf minuten afstand van het resort. Daar zijn de bas-reliëfs zo goed bewaard dat de verf er nog op zit. Vrijwel uniek in Mexico, maar nauwelijks bekend.

Het Calakmul biosfeerreservaat, dat tot een van de meest onaangetaste stukjes jungle van Midden-Amerika behoort, is een bestemming op zichzelf, waar het historisch erfgoed naar de kroon wordt gestoken door natuurlijk spektakel. Vanuit een gigantische put in de jungle (een zogenaamde cenote, die toegang biedt tot reusachtig onderaards afwateringssysteem onder het rivierloze landschap van Yucatán) verschijnt elke avond bij zonsondergang een tornado van tweeënhalf miljoen vleermuizen.

De vijftig kilometer lange route naar de spookstad in het hart van de jungle moest twee keer worden afgelegd: één keer overdag; één keer ’s nachts. Op zich was de stad bij daglicht al verlaten en bijzonder genoeg – ik geloof niet dat we meer dan tien andere bezoekers tegenkwamen. Maar bij volle maan zou het park weer een heel andere kant van zichzelf prijsgeven.

Zo stonden we dus, twaalf uur na ons eerste bezoek, ineens in oog met Yuknoom Took’ K’awiil. Overdag was zijn beeltenis slechts een geërodeerd steenoppervlak geweest, maar nu wekte het dramatische effect van Luis’ strijklicht hem tot in kleine details tot leven. Hetzelfde kon worden gezegd van het effect van het maanlicht op de hele stad. Zo fel had ik de maan nog nooit meegemaakt: het spookachtige licht smelt eeuwen vergetelheid weg; de geesten van de oude Maya’s lijken op te leven in de scherpe schaduwen van het gebladerte. Het amok van een groep slingerapen mengt zich met de symfonie van krekels.

Calakmul

 
Bovenaan de trappen van de hoogste van de twee piramides word ik gegrepen door de magie van het moment. Vijftig kilometer en elf eeuwen van de moderne beschaving verwijderd. Vijfenvijftig meter omhoog, voorbij het dak van de jungle. Om ons heen strekt een oceaan gebladerte strekt in alle richtingen tot aan de horizon, bestreken door zilveren maanlicht. In de boomtoppen tekent zich het silhouet af van een verborgen metropool. Ik weet niet hoe lang ik met open mond het schouwspel in me op heb staan nemen. Extase kent geen tijd.

———

Reistip

Calakmul ligt op de zuidgrens van het Mexicaanse schiereiland Yucatán, in de deelstaat Campeche. Hoewel dit de meest afgelegen van alle Mayasteden is, valt deze met een huurauto prima te bereiken. Vanaf Cancún – de dichtstbijzijnde internationale luchthaven met directe vluchten vanaf Schiphol – is het zo’n zes tot zeven uur rijden. Er is echter geen reden tot haast: onderweg mag een tussenstop aan de uiterst idyllische Caraïbische kust natuurlijk niet aan het plan ontbreken. Bijvoorbeeld in Tulum, waar de Maya-tempels nota bene aan zee staan.

Tulum

Gepost in Inspiratie buiten Europa, Reportages | 801 keer gelezen

Tags: ,


Reacties

Geen reacties gevonden

Schrijf een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *